Du Pang

Jan 192018
 

Intern onderzoek van MI5 naar het werk van de inlichtingendienst met betrekking tot Salman Abedi, de man die zich in Manchester opblies, stelt dat de dienst steken heeft laten vallen. Bij de aanslag kwamen vijfendertig mensen om het leven. Het interne onderzoek is niet openbaar. Er zal naar alle waarschijnlijk geen openbaar of parlementair onderzoek plaatsvinden naar de aanslag in Manchester. Het publiek moet het hier mee doen.

Het interne onderzoek spreekt over twee missers van MI5. Er zijn verschillende versies van die twee missers. Het zou gaan om twee inlichtingen die niet terreur gerelateerd waren. Aan de andere kant wordt gesproken over twee afzonderlijke aanwijzingen die in de maanden voor de aanslag bij MI5 binnenkwamen en die zijn blijven liggen. Volgens het interne onderzoek waren de aanwijzingen zeer relevant dus wel terrorisme gerelateerd. Waarom ze zijn blijven liggen wordt niet duidelijk.

Er is echter meer, want 22-jarige Salman Abedi was een bekende van MI5 sinds 2014. In dat jaar kwam hij in de picture als een bekende van een andere persoon die door MI5 in de gaten werd gehouden. Een jaar later, in oktober 2015, komt Abedi opnieuw in beeld als een bekende van een aanhanger van ISIS in Libië (Islamitische Staat). Bij de inlichtingendienst was het bekend dat Abedia extremistische denkbeelden koesterde. Abedi komt dus steeds in beeld en verdwijnt dan en kan in dezelfde periode zelfs naar Libië en Turkije afreizen en terugkeren naar het Verenigd Koninkrijk zonder veel noemenswaardige problemen of controles.

En dan is er de reactie van MI5 op deze missers. De dienst stelt dat zij de aanslag in Manchester niet had kunnen voorkomen als er meer onderzoek was gedaan naar Abedi. Dat is toch opvallend. Volgens het interne onderzoek zijn twee stukken inlichtingen niet serieus genomen. Om welke inlichtingen het gaat is niet openbaar gemaakt. Ook niet wanneer. Het is echter duidelijk dat het terugkeren van Abedi uit Libië of Turkije geen onderdeel uitmaakt van de twee missers van MI5. Abedi keerde namelijk vier dagen voor de aanslag terug. Toch stelt MI5 dat de aanslag niet voorkomen was als er uitgebreider onderzoek was gedaan naar Abedi.

Het wordt nog vreemder want los van het feit dat Abedi vier dagen na terugkeer uit Libië of Turkije zich opblaast zou hij eindeloos huis-tuin-en- keuken bommen bereidingsfilmpjes op Youtube hebben bekeken. Abedi’s internet activiteiten werden ook niet in de gaten gehouden, terwijl GCHQ, de Britse inlichtingendienst die data verzamelt, uitgebreide mogelijkheden heeft tot bulk interceptie. Tevens was Abedi’s huis omgebouwd tot een bommenfabriek. Dit heeft hij allemaal zonder op te vallen kunnen doen.

Natuurlijk is het mogelijk dat de 22-jarige Libische Brit onder het radar is gebleven, maar het interne onderzoek roept meer vragen op dan dat het antwoorden geeft, helemaal omdat het onderzoek tevens concludeert dat de dienst niet is te verwijten. De inlichtingendienst lijkt zich te verweren door te stellen dat er verschillende aanslagen zijn voorkomen. Informatie over die ´voorkomen´ aanslagen zijn niet openbaar net als het interne onderzoek naar de Manchester aanslag. Veel is er dus niet te concluderen, behalve dan dat MI5 de dader kende, misschien aanwijzingen had dat er een aanslag op handen was en dat er vijfendertig mensen zijn omgekomen, maar dat de dienst niets te verwijten valt.

Als we Abedi nu omschrijven als informant zouden zaken veel meer kloppen. Lange tijd onder het radar van de dienst. Hij had met diverse mensen in de radicale moslim gemeenschap contact. Hij kon uitreizen en ´ongezien´ binnenkomen. Er waren wel signalen, zelfs relevante signalen, maar die zijn niet opgepikt. En hij was uitgebreid aan het bommen kokkerellen zonder dat het opviel. Maar goed, we zullen niet vervallen in complot denken. De overheid zegt op basis van een intern onderzoek dat de aanslag niet te voorkomen was en dat er niets aan de hand is. We gaan over tot de orde van de dag en wachten op de volgende aanslag, want terroristische aanslagen moet je vooral niet openbaar en gedegen onderzoeken.

 

https://www.theguardian.com/uk-news/2017/dec/06/security-officials-thwart-terrorist-plot-to-assassinate-theresa-may?tm_source=esp&utm_medium=Email&utm_campaign=GU+Today+main+NEW+H+categories&utm_term=255425&subid=1404944&CMP=EMCNEWEML6619I2

 

https://www.theguardian.com/uk-news/2017/dec/05/mi5-manchester-attack-report-david-anderson

 

https://www.independent.co.uk/news/uk/home-news/manchester-terror-attack-mi5-security-services-missed-opportunities-salman-abedi-isis-inquiry-david-a8093006.html

 

http://www.dailymail.co.uk/news/article-5147059/MI5-knew-Manchester-bomber-months-attack.html

 

https://www.thesun.co.uk/news/5072163/mi5-could-have-stopped-the-manchester-arena-bombing-official-report-reveals/

 

http://www.columbian.com/news/2017/dec/05/report-mi5-had-seen-highly-relevant-intel-on-manchester-suicide-bomber/

Dec 112017
 

Op 2 december 2017 schreef de Volkskrant dat kinderen van Gladio soldaten geen inzage kregen in de dossiers van hun overleden ouders. Gladio, ook wel het Stay Behind netwerk genoemd, is na de Tweede Oorlog in Europa en ook Nederland opgezet. Er is in Nederland weinig officieel bekend over het netwerk dat in de publiciteit kwam door wapenfondsen in de jaren tachtig. In andere Europese landen is van officiële zijde toegegeven dat Gladio bestond. Het Stay Behind netwerk was een geheim leger met geheime wapendepots en manschappen die in geval van een oorlog met de Sovjet-Unie pas in actie zou komen nadat de Russen Europa onder de voet hadden gelopen. De gedachte was namelijk dat de Sovjet legers te sterk zouden zijn voor de verzwakte Europese landen na de oorlog.  Gladio ontstond voor zover bekend meteen na de oorlog in 1945 en voor de Koude Oorlog. Het heeft zijn wortels in het anticommunisme.

In het Volkskrant artikel wordt de zoektocht van een aantal Gladio soldaten beschreven. Naast de diverse boeken die over het netwerk geschreven zijn doen de kinderen archief onderzoek en inzageverzoeken bij de ministeries van Defensie en Algemene Zaken, de AIVD en de militaire inlichtingendienst MIVD. Ze stuiten op een muur van vaagheid. Een deel van het archief zou al vernietigd zijn. Defensie en Algemene Zaken stellen dat zij nog enkele documenten te hebben. De AIVD zegt over geen enkel document te beschikken.

De Gladio soldaten zouden aan de andere kant niet voorkomen in de archieven. De Volkskrant memoreert nog wel aan een schimmige oud-brigadegeneraal Hans Bosch die de afgelopen jaren in contact met een van de kinderen stukjes informatie zou doorbrieven van de voormalig Gladio soldaten. Onduidelijk is in welke hoedanigheid de oud-brigadegeneraal dit doet. Duidelijk is wel dat hij is ingeseind door het ministerie van Defensie. Hij zal dit dus niet als privé persoon doen, maar als onderdeel van het apparaat. Gedachte is waarschijnlijk de kinderen net genoeg informatie te geven dat ze zoet worden gehouden en het verhaal niet aan de grote klok zouden hangen. Mocht dat wel gebeuren loopt de overheid geen blauwtje want officieel is alles gesloten.

Het schetst een verkramptheid die in het algemeen plaatsvindt bij het doen van inzageverzoeken. De inlichtingendiensten en veel delen van de overheid geven eigenlijk nooit thuis al is de afgelopen jaren wel veel meer naar buitengekomen door inzageverzoeken. Zelf maakt de overheid in het algemeen niets openbaar of heel weinig gedateerd en oninteressant materiaal op de openbaarheidsdag alsof het een gunst is. Dat is de afgelopen decennia niet veranderd en de rechterlijke macht steunt daar de overheid op alle fronten in. Geheimhouding tot alle betrokkenen, hun kinderen en anderen overleden zijn is de normaalste zaak van de wereld.

Argument voor die misplaatste geheimzinnigheid is staats veiligheid. De openbaring van de documenten, zou de veiligheid van de staat in gevaar brengen. Daarom plakt de overheid meestal een termijn van bijna een eeuw op documenten die niet alleen vanuit historisch oogpunt, maar ook maatschappelijk en vanuit het perspectief van controle en toezicht op de overheid veel eerder moeten worden prijsgegeven. Schoothondje Nederland wijkt met die minimale openheid af van grote broer de Verenigde Staten waar veel documenten over zeer gevoelige politieke thema´s binnen enkele decennia openbaar worden gemaakt. Daardoor is er ook een levendig en fundamenteel debat over beslissingen en handelen van de overheid en het functioneren van inlichtingen- en veiligheidsdiensten.

Veiligheid van de staat is een nogal vreemd begrip want het is voor meerder uitleg vatbaar. Het zou kunnen slaan op het gevaar voor de integriteit van de staat, in principe gaat dat ons allemaal, als onderdanen. Het slaat echter ook op de veiligheid van het staatsapparaat zelf en daar maken normale burgers geen onderdeel van uit. Bij dossiers die decennia jaren oud zijn, kun je moeilijk spreken over de veiligheid van de staat als entiteit. Meestal maakt de staat dat ook niet duidelijk en blijft het vaag welke veiligheid er nu in het geding is. Het is logischer te veronderstellen dat in het algemeen de veiligheid van het staatsapparaat in het geding is. Een recent voorbeeld daarvan is het onderzoek naar operatie Zwarte Tulp.

Een onderzoekster van het International Tracing Service (ITS) in Duitsland, een instituut van het Rode Kruis dat onderzoek doet naar en archieven beheert van de Holocaust presenteerde recentelijk presenteerde haar onderzoek naar operatie Zwarte Tulp. De operatie bestond eruit om net na de Tweede Wereldoorlog Nederland te zuiveren van Duisters en Oostenrijkers, waarbij geen onderscheid werd gemaakt of mensen wel of niet met de Nazi´s hadden gecollaboreerd. Deze werden gevangengezet in kampen om te worden gedeporteerd. Een van die kampen werd zelfs geleid door een voormalig leider van kamp Westerbork. Otto Frank, vader van Anne Frank, stond ook op de nominatie om te worden gedeporteerd. De Behandeling van de Duitsers en Oostenrijkers in Nederland heeft veel weg van de wijze waarop voor de oorlog vluchtelingen, waaronder veel joden, uit Duitsland werden behandeld.

De medewerker van het ITS heeft bij haar onderzoek geen gebruik kunnen maken van archieven van de Nederlandse staat want die heeft een groot deel van de documenten over operatie Zwarte Tulp vernietigd. Dat is niet toevallig, want niet de veiligheid van de staat, maar het handelen van de staat is hierbij in het geding. Bij veel van dit soort gebeurtenissen gaat het over de wijze waarop de staat burger- en mensenrechten al dan niet heeft gerespecteerd. Naast operatie Zwarte Tulp zijn er vele voorbeelden zoals de politionele acties in Nederlands Indië en de wijze waarop met sympathisanten van het communisme is omgegaan.

De staat heeft dus iets te verbergen en vernietigt daarom dossiers of zet deze zo lang achter slot en grendel zodat ze in vergetelheid geraken. Met de veiligheid van de staat heeft het niets meer te maken, wel met een rechtstaat die niet gecontroleerd wenst te worden. En dat is schadelijk voor die rechtstaat en het vertrouwen. Wie het geweldsmonopolie in handen heeft en kan beslissen over het leven van burgers moet daar in volle openheid verantwoording afleggen, ook als dat ongunstig uitpakt voor het staatsapparaat.

 

 

https://www.volkskrant.nl/buitenland/kinderen-willen-erkenning-voor-ouders-die-klaar-stonden-voor-ultrageheim-verzet-tegen-russen~a4542830/

https://www.volkskrant.nl/binnenland/hun-vaders-deden-iets-heel-geheims-voor-de-overheid-maar-wat~a4542717/

https://www.burojansen.nl/migratie/vluchtelingen-toen-en-nu/

Hoe vader Anne Frank tot staatsvijand werd

Nov 242017
 

Op 17 november 2017 opende de Spaanse krant El Pais met het verhaal dat een centraal persoon bij de aanslag op Las Ramblas in Barcelona van 17 augustus 2017 contacten zou hebben gehad met de Spaanse inlichtingendienst de CNI (Centro Nacional de Inteligencia). Het verhaal is niet opmerkelijk, want bij veel aanslagen blijken informanten/infiltranten een rol te spelen. De persoon in kwestie is de imam van de stad Ripoll, Abdelbaki Es Satty, die is omgekomen bij de explosie in een huis in Alcanar, provincie Tarragona, op 16 augustus 2017 een dag voor de aanslag op Las Ramblas. Bij de explosie kwamen drie mensen om het leven.

Of Abdelbaki Es Satty daadwerkelijk als informant voor de CNI werkte, is niet bevestigd. Duidelijk is wel dat Satty lange tijd de inlichtingendienst van informatie heeft voorzien. Het contact van de CNI met Satty zouden gelegd op het moment dat de imam een gevangenisstraf voor drugssmokkel uitzat van 2010 tot en met 2014. Satty was echter al een bekende van de CNI. Tijdens operatie Chacal in 2006 had de imam contact met de CNI en zijn naam dook op in de contactenlijst van een van de arrestanten na de aanslag op vier forensentreinen op 11 maart 2004 in Madrid. Er zijn dus heel veel connecties tussen de inspirator van Las Ramblas aanslag en de Spaanse inlichtingendienst.

Dat imam Abdelbaki Es Satty bekend was bij de CNI en dat er contacten met hem zijn geweest is nu bevestigd door een anonieme medewerker van de dienst. Er is nog geen verdere openheid gegeven over de contacten tussen de inlichtingendienst en Satty na 2014. Zijn connectie met verschillende aanslagplegers zal voor de CNI zeker reden zijn geweest om met Satty in contact te blijven of hem in de gaten te houden. Wat er precies heeft afgespeeld blijft onduidelijk, maar er is duidelijk iets vreemds aan de hand. Er zijn allerlei scenario’s mogelijk. Of de CNI heeft niet opgelet, Satty heeft zijn positie als informant gebruikt om een aanslag voor te bereiden of Satty heeft in opdracht van de CNI radicale moslims aangezet tot aanslagen en niet alleen in Spanje. Abdelbaki Es Satty verbleef namelijk sinds 2015 regelmatig in België en Frankrijk. Begin 2016 woonde de imam zelfs drie maanden in Vilvoorde.

De CNI zal volledige openheid van zaken moeten geven over haar rol en haar connecties met Satty om een duidelijk beeld te krijgen van welke rol de inlichtingendienst heeft gespeeld bij de aanslag op Las Ramblas en in hoeverre de dienst medeschuldig is. De onthulling van de contacten tussen de imam en de inlichtingendienst plaatsen ook de waarschuwing van de CIA (Central Intelligence Agency) over de aanslag in een ander daglicht. De Spaanse krant El Periódico stelde een uur na de aanslag op Las Ramblas op 17 augustus 2017 dat de Amerikaanse inlichtingendienst, de CIA, de Catalaanse politie al in mei 2017 zou hebben gewaarschuwd voor een aanslag in Barcelona. Ook de Spaanse krant El País leek in de dagen na de aanslag de vinger te wijzen naar de Catalaanse politie die waarschuwingen in de wind zou hebben geslagen. De politie van het Belgische Vilvoorde waarschuwde namelijk begin 2016 de Catalaanse politie, los Mossos, voor de imam.

In de periode voor het referendum over de onafhankelijkheid van Catalonië kwamen de beschuldigingen over het disfunctioneren van de Catalaanse politie de Spaanse overheid goed van pas. Aanslagen als op Las Ramblas zouden niet voorkomen kunnen worden door een politiedienst die niet goed kan omgaan met informatie van andere inlichtingen en veiligheidsdiensten was de redenering. De waarschuwing uit Vilvoorde over Abdelbaki Es Satty, werd echter op 23 augustus 2017 tegengesproken door de minister van Binnenlandse Zaken Juan Ignacio Zoido. Op zich was het al een vreemde veronderstelling dat een lokale politiedienst in België zomaar een dienst in een ander Europees land zou waarschuwen over een burger, daarvoor worden allerlei andere kanalen gebruikt.

De CIA waarschuwing bleef echter hangen en na aandringen publiceerde El Periódico op 31 augustus 2017 een document dat de waarschuwing zou bevestigen. De publicatie van het document leek een reactie op verklaringen van de Catalaanse president en de minister van Binnenlandse Zaken van Catalonië dat de Catalaanse politie geen waarschuwing van de CIA had ontvangen. De publicatie van het CIA-document maakte het verhaal van El Periódico echter niet sterker. Er wordt getwijfeld aan de echtheid van het document, vooral door allerlei taalfouten. De kwaliteit van de journalistiek van El Periódico werd verder in twijfel getrokken doordat een dag later een andere versie van hetzelfde document zonder taalfouten werd gepubliceerd. Ook veranderde de Enric Hernàndez, journalist en directeur van de krant, zijn verhaal door te stellen dat niet alleen de Catalaanse politie de waarschuwing had gekregen, maar ook de Spaanse anti terreur eenheid CITCO (Centro de Inteligencia contra el Terrorismo y el Crimen). Tevens beweerde Hernàndez dat de waarschuwing niet afkomstig was van de CIA, maar van het Amerikaanse anti terreur centrum NCTC (National Counterterrorism Center).

Nu is de Spaanse media erg gepolariseerd. Er zijn kranten die de regeringspartij Partido Popular (PP) verdedigen en er zijn media die meer in het kamp van de sociaal democraten (PSOE). In het verleden bepaalden vooral de PP en de PSOE het landsbestuur en het mediaklimaat, maar naast nieuwe spelers op nationaal niveau speelt in Catalonië ook de Catalaanse regeringspartij Junts pel Sí een belangrijke rol. Zo zijn er ook kranten die voor en tegen de onafhankelijkheid van Catalonië zijn. Die polarisering zorgt voor beperkte onafhankelijke berichtgeving ook over de Amerikaanse waarschuwing. Sommige Spaanse kranten namen het verhaal van El Periódico klakkeloos over, anderen wezen het geheel van de hand. Het verhaal van Enric Hernàndez is zeker twijfelachtig helemaal omdat de journalist twee versies van het document heeft gepubliceerd en zijn verhaal ten aanzien van wie de waarschuwing afkomstig was en aan wie gericht in de loop van de berichtgeving veranderde. Toch blijft Hernàndez vasthouden aan zijn verhaal en stelt dat hij twee bronnen heeft. Misschien is het document daarom wel nep, maar het feit dat de journalist het heeft gekregen en er volgens hem twee bronnen bestaan die het document bevestigen wel echt. Dat zou kunnen betekenen dat El Periódico bij de neus is genomen door misschien zelfs een Spaanse overheidsinstantie.

Dat valse documenten aan de media kunnen worden gevoed maken Carlos Enrique Bayo en Patricia López van Público duidelijk in hun onderzoek naar corruptie bij de Spaanse overheid. De journalisten vertelden The Intercept dat een van de mensen die verdacht wordt van het lekken van vervalste documenten aan de media enkele jaren geleden op dit moment hoofd is van CITCO, de Spaanse anti terreur eenheid van de politie, die ook een kopie van de Amerikaanse waarschuwing zou hebben gekregen. Documenten werden toen gelekt om de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken in diskrediet te brengen. Het is duidelijk dat het CIA-document eerder een waarschuwing is dat er iets mis is binnen één of meerdere Spaanse diensten dan dat de waarschuwing over de aanslag op Las Ramblas gaat.

Dat er nu informatie opduikt over uitgebreide contacten tussen de Spaanse inlichtingendienst CNI (Centro Nacional de Inteligencia) en de imam Abdelbaki Es Satty, die wordt gezien als inspirator voor de aanslagplegers, werpt weer een ander licht op de valse Amerikaanse waarschuwing. Hernàndez heeft nooit openbaar gemaakt wanneer zijn krant de waarschuwing in handen heeft gekregen en wanneer hij die twee bronnen heeft gesproken. Het maakt nogal uit of dit voor 16 augustus 2017 was, in de ochtend van 17 augustus 2017 na de explosie in Alcanar of na de aanslag op Las Ramblas in Barcelona. Er vanuit gaande dat de waarschuwing vals is, want de Amerikaanse overheid heeft ontkend de Spanjaarden in mei een waarschuwing te hebben gestuurd, zal de krant het document of voor of na de aanslag hebben ontvangen. Voor het begrijpen van de rol van Abdelbaki Es Satty, zijn relatie met de CNI en de kennis van de Spaanse inlichtingendienst maakt het niet meer uit of het nu voor of na de aanslag op Las Ramblas was.

Na de explosie is snel duidelijk geworden dat de gebruikers van de woning in Alcanar niet bezig waren met het bereiden van een paella, maar met het fabriceren van bommen. De vele gasflessen en de explosieven moeten de inlichtingendiensten duidelijk hebben gemaakt dat er iets mis was. Daarnaast zal niet alleen Satty een bekende van de dienst zijn geweest en andere leden van de groep ook in de gaten werden gehouden of zelfs als informant werkten voor de CNI of misschien het CITCO. In een vlucht naar voren zullen de diensten een bevriende krant een vervalst document hebben toegestuurd om de aandacht af te leiden van het eigen functioneren en de schuld toe te schuiven aan de Catalaanse politie. In het politieke klimaat rond het referendum over de onafhankelijkheid van Catalonië was dit een eenvoudige klus. Probleem is dat nu met de contacten tussen de CNI en Satty, zeker de Spaanse inlichtingendienst veel heeft uit te leggen.

Dat de aanslagen in Spanje een politieke lading hebben en dat de Spaanse inlichtingen en veiligheidsdiensten dubbel spel spelen, blijkt ook uit de aanslagen van 11 maart 2004 op forensentreinen in Madrid. Niet alleen was er veel over de daders bekend voor de aanslagen en waren de explosieven aan hen verkocht door een informant ook de aanslagen zelf werden politiek uitgebuit. De toenmalige regering van Aznar, ook Partido Popular, wees meteen naar de Baskische afscheidingsbeweging ETA, Euskadi Ta Askatasuna. Al snel bleek echter dat de aanslagplegers geen leden waren van de ETA, maar uit naam van al Qaeda de aanslagen hadden gepleegd. Er werd toen een parlementair onderzoek ingesteld naar de aanslagen die een ontluisterend beeld opleverden over voorkennis en betrokkenheid rakende aan medeplichtigheid van de inlichtingen en veiligheidsdiensten. Het is te hopen dat Spanje opnieuw besluit om een parlementair onderzoek te houden naar de aanslag op Las Ramblas in Barcelona. Alleen dan kan duidelijk worden welke rol de inlichtingen en veiligheidsdiensten hebben gespeeld.

 

 

https://politica.elpais.com/politica/2017/11/17/actualidad/1510900232_739084.html

https://www.nytimes.com/2017/11/17/world/europe/spain-barcelona-attack-imam.html

https://theintercept.com/2017/09/30/catalonia-cia-report-mossos-el-periodico/

http://www.elperiodico.com/es/barcelona/20170817/una-furgoneta-arrolla-a-varias-personas-en-la-rambla-de-barcelona-6228813

http://www.elperiodico.com/es/politica/20170831/mossos-recibieron-alerta-atentado-cia-25-mayo-6255194

https://politica.elpais.com/politica/2017/08/23/actualidad/1503502497_397596.html

https://politica.elpais.com/politica/2017/08/23/actualidad/1503485899_262561.html?rel=mas

 

 

 

 

https://politica.elpais.com/politica/2017/10/24/actualidad/1508869118_027623.html

 

 

Nov 172017
 

Op 13 november 2017 schrijft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een opmerkelijke brief aan de Kamer. De minister is verantwoordelijk voor de overzeese gebiedsdelen, de gemeenten en de AIVD, de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst. De brief zou tegemoet komen aan een toezegging aan Tweede Kamerlid Van Haersma Buma.

In de brief wordt er gerept over statelijke actoren die Nederlandse interne aangelegenheden of democratische processen beïnvloeden. Erg concreet is de brief niet en het wordt dan ook al snel duidelijk dat de brief is opgesteld door de AIVD. De inlichtingendienst heeft ooit een spoof website, de dienst spreekt van gefingeerde website, ontdekt. De site zou een kopie zijn van een Nederlandse overheidswebsite en zou tevens “onder meer desinformatie over MH17” bevatten. In de gehele brief is dit het enige concrete bewijs voor beïnvloeding.

Nu zijn bewijsvoering en context niet de sterkste kanten van de AIVD. De dienst hoeft ook geen bewijs te leveren voor vervolging en in die zin is context niet echt van belang. Daarnaast schermt de AIVD altijd met het argument dat zij niets openbaar wil maken omdat die informatie haar methoden en technieken zou verklappen. Het onthullen van het bestaan van de spoof website is daarom van belang omdat die onthulling duidelijk maakt dat de dienst het internet afstruint, bepaalde dossiers, zoals de MH17, in de gaten houdt, checkt wie de eigenaar van de site is en controleert of informatie op een website al dan niet correct is, al weten wij dit allemaal niet zeker. De dienst kan ook een tip hebben gehad.

Probleem bij de zogenaamde concrete aanwijzing die de AIVD in de brief noemt is dat er alleen gesproken wordt over een spoof website in Rusland en dat die website lijkt op een Nederlandse overheidswebsite. Eigenlijk ontbreekt alles aan dit bewijs. Er is geen screenshot, geen bewijs wie de eigenaar was, wat voor informatie er op de site stond, hoe populair de site was, hoeveel bezoekers het trok en of de AIVD stappen heeft gezet om die website offline te halen of dat de maker die site zelf offline heeft gehaald. Context is in die zin ook van belang. Het zou namelijk kunnen dat een Nederlander in Rusland serverruimte huurt en tevens een domein registreert omdat hij anoniem wil blijven. Het kopiëren van een website is namelijk niet toegestaan en de persoon kan worden vervolgd. Daarnaast zijn de vragen van belang omdat veel mensen constant bezig zijn op het internet bewijs voor welke theorie dan ook te vinden ten aanzien van de MH17 ramp. Het is dan ook opmerkelijk dat blijkbaar anderen de site niet hebben opgemerkt, maar de AIVD wel.

De brief van de minister van Binnenlandse Zaken wordt niet concreter dan een spoof website en roept daarnaast andere vragen op. De AIVD verschaft namelijk geen nieuwe informatie en dat is opmerkelijk. In april 2017 presenteerde de dienst haar jaarverslag over 2016. De AIVD pakte groot uit, want stelde dat Rusland door het verspreiden van nepnieuws zou geprobeerd hebben de landelijke verkiezingen van maart 2017 te beïnvloeden. Door de media wordt niet om bewijs gevraagd. De baas van de AIVD Rob Bertholee zegt slechts: “Ik denk dat wel gepoogd is om de kiezers mogelijk in een verkeerde richting te duwen door berichten te verspreiden die niet of slechts ten dele waar zijn.”

De media pakten groot uit naar aanleiding van de persconferentie. Volgens RTL nieuws probeerde Rusland met nepnieuws onze verkiezingen te beïnvloeden. En de NOS stelt dat de AIVD het steeds drukker heeft met Rusland. Nu klopt het dat de wereld langzaam is teruggekeerd naar de periode van de Koude Oorlog met de proxy oorlogen in Oekraïne, Syrië en andere delen van de wereld. Het oude spel van infiltratie en inlichtingenoperaties, media campagnes oftewel covert warfare met alle tricks zijn uit de mottenballen gehaald.

Punt is echter dat we niet meer in de jaren vijftig leven en iedereen slikt wat de overheid voorschotelt. Het is dan ook terecht dat Geen Stijl stelt dat Bertholee met de zin “Ik denk dat wel gepoogd is om de kiezers mogelijk in een verkeerde richting te duwen door berichten te verspreiden die niet of slechts ten dele waar zijn” eigenlijk zegt dat er geen enkel bewijs is. Hij denkt, is dat op het moment van de persconferentie, in een voorbij moment op vakantie of in een andere situatie? Hij denkt dat er wel gepoogd is, dus hij weet het niet, en zelfs niet of de Russen, want laten we de daders meteen aanwijzen, het geprobeerd hebben. Het gaat namelijk om proberen, niet het actief beïnvloeden. Hoe dat proberen eruit zou hebben gezien, blijft ook in nevelen gehuld. En daar eindigt de overpeinzing van de baas van de inlichtingendienst niet. Hij weet namelijk zelfs niet of Nederlanders zijn beïnvloed. Al met al is er geen bewijs, slechts een overpeinzing.

Wie de uitspraak over de beïnvloeding van de verkiezingen naast die van de MH17 spoof website legt ziet meteen de overeenkomsten. De Russen zijn de daders, er is geen bewijs en de dienst geeft geen openheid waardoor een mist van vaagheid blijft hangen. Wie nepnieuws wil bestrijden moet feiten leveren en wie geen feiten kan leveren moet zijn mond houden, want anders is de overheid producent van nepnieuws. En dat is nu wat de AIVD aan het doen is, nepnieuws verspreiden.

En dat blijkt ook het geval. Want het gaat bij de brief van 13 november 2017 en bij het jaarverslag over 2016 in het geheel niet om bewijs, Russen, beïnvloeding of een spoof website, maar om de nieuwe WIV 2017 en extra middelen. Voor de AIVD geldt hetzelfde als voor Brabantse burgemeesters met hun ondermijning, politie met mobiele bendes, als dienst moet je je in de kijker spelen om meer geld en bevoegdheden los te krijgen in Den Haag. Ergens verscholen op pagina twee van de brief duikt daarom plots de WIV 2017 op. “Voor het blijven verrichten van dit onderzoek is het wettelijke kader van de WIV 2017 noodzakelijk.” De AIVD bedoelt: “Onderzoek naar de intenties en de capaciteiten van statelijke actoren nodig.”

Welk onderzoek is dat dan precies? Onderzoek waarbij meteen gewezen wordt naar Rusland als dader zonder bewijsvoering? Onderzoek naar een vage spoof website? Onderzoek naar een mogelijke poging ter mogelijke beïnvloeding van een mogelijke kiezer? In principe zegt de AIVD eigenlijk dat er geen bewijs is voor haar beschuldigingen, maar graag een zak geld wil en bevoegdheden om dat bewijs te bekokstoven. Dat belooft niet veel goeds voor de toekomst met een nieuwe WIV ook al zou daar meer controle in geregeld zijn. Transparante dreiging neemt meer angst weg dan vage insinuaties die slechts gericht zijn op het doordrukken van een wet voor meer bevoegdheden. In de 21ste eeuw zou een inlichtingendienst bewijs moeten presenteren en niet moeten schermen met de suggestie dat we zijn teruggekeerd tot de periode van de Koude Oorlog.

 

Brief 13 november 2017 schrijft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de Kamer

AIVD jaarverslag 2016

AIVD: Rusland probeerde met nepnieuws onze verkiezingen te beïnvloeden, RTL

AIVD verspreidt nepnieuws over nepnieuws, Geen Stijl

AIVD heeft het steeds drukker met Rusland, NOS

 

 

 

 

 

 

 

Nov 092017
 

Sinds enige tijd is er een discussie over de terrorisme berichtgeving in de media. Die berichtgeving zou te sensationeel zijn en daarom de daders een platform bieden. Aanslagen zouden van de voorpagina moeten worden verbannen. De media consument zou al dat negatieve nieuws niet aan kunnen. Het vreemde is dat de meeste aanslagen in de wereld de belangrijkste rubrieken niet eens halen. Als een aanslag in Westerse wereld plaatsvindt dan prijkt het op de voorpagina. Aanslagen en incidenten met veel slachtoffers in andere delen van de wereld bereiken die zelden. Nu kun je zeggen eigen nieuws eerst, maar als het merendeel van het slechte nieuws al de kolommen van de media niet haalt waarom dan ook de aanslagen op onze stoep verbannen. De media verworden dan helemaal tot Duckbodes met lifestyle en politiek entertainment.

Aan de andere kan is kritiek op de wijze waarop de media met aanslagen omgaan belangrijk. Dit heeft niet met de aandacht voor de daders te maken of de bloedige foto’s op de voorpagina, maar wel met het gebrek aan diepgang, visie en kritisch vermogen van de pers. Natuurlijk is het belangrijk om aandacht aan de slachtoffers te besteden en respectvol met ze om te gaan, maar als aanslagen iets duidelijk hebben gemaakt dan is dat de rol van de staat en haar diensten (politie en inlichtingendiensten) niet een onschuldige is. Belangrijke vragen die aan de overheid keer op keer moeten worden gesteld zijn; Was er voorkennis over de aanslag? Waren de daders bekend? Werden de daders in de gaten gehouden? Zijn de daders benaderd door politie en/of inlichtingendiensten? Waren de daders informanten van de overheid of zelfs infiltranten? Zijn de daders onder druk gezet door overheidsfunctionarissen of mensen die worden gerund door de overheidsfunctionarissen? Zijn de middelen voor de aanslag verschaft door de overheid? Allemaal vragen die bij elke aanslag in eerste instantie kunnen en eigenlijk moeten worden gesteld.

Deze vragen komen niet uit de lucht vallen. Van alle aanslagen van de afgelopen jaren is er maar één aanslag uitgebreid onderzocht door een openbaar parlementair onderzoek. Dit was de aanslag op 11 maart 2004 in Madrid, Spanje. Uit het parlementaire onderzoek bleek dat het dynamiet voor de aanslag aan de daders was verkocht door een informant van de politie. De overheid wist of op zijn minst had kunnen weten dat er bommen werden gemaakt. De aanslag in Madrid maakte nog veel meer duidelijk over de rol van de staat, maar in de media is het vooral gegaan over de daders en hun vermeende lidmaatschap van Al-Qaeda. Nu kun je zeggen dat het toch belangrijk is om te weten of de daders lid zijn van Al-Qaeda of de Islamitische Staat, maar als de enige reden van die zoektocht is om de daders af te schilderen als pure evil, dan levert die berichtgeving slechts een vertekend beeld van de wereld op. En wat is het bewijs voor lidmaatschap van Islamitische Staat. Een briefje waarop staat namens … of een uitroep als Allahu Akbar. De wereld is niet zwart – wit en media die met hun berichtgeving vooral een beeld willen scheppen van slachtoffers en evil daders doen niet aan berichtgeving maar aan opruiing.

Neem bijvoorbeeld de Tunesische man Anis Amri die de aanslag op de Kerstmarkt in Berlijn zou hebben gepleegd. Deze 24 jarige vluchteling uit Tunesië vraagt eerst in Italië asiel had aan. Hij wordt geweigerd en opgesloten omdat hij het asielzoekerscentrum in brand zou hebben gestoken. Het is onduidelijk of de Italiaanse autoriteiten contact hadden met de Tunesische omdat Amri zijn land niet was ontvlucht wegens vervolging of armoede maar omdat hij was ontsnapt uit de gevangenis. De Italiaanse overheid beweert van wel, maar stelt dat het Tunesisch consulaat Amri niet als staatsburger wilde erkennen. Na vier jaar heeft Amri zijn straf uitgezeten en wordt op straat gezet in weerwil van een niet openbaar rapport dat Amri snel zou zijn geradicaliseerd in de gevangenis. Ook zou hij drugs hebben afgezworen terwijl later blijkt dat er sporen van cocaïne in zijn bloed zijn gevonden.

Probleem van veel gegevens die door de media naar buiten worden gebracht de narrative van de overheid bevestigen. Amri was crimineel eigenlijk al een aanhanger van de Islamitische Staat, komt uit Tunesië, hofleverancier van het Kalifaat, oftewel hij past in het profiel. Of hij later is geradicaliseerd of dat hij vanuit Tunesië meegelift is op de stroom vluchtelingenboten is minder belangrijk. De slapende cel is geboren en overal worden bewijzen gezocht dat hij al vanaf het prille begin op weg was naar de aanslag op de Kerstmarkt in Berlijn. Dat hij naar het noorden van Europa reist, lijkt dan bijna een strategie van het leger van de Islamitische Staat, niet een aanwijzing voor de meest logische verklaring. De meeste vluchtelingen proberen namelijk naar het noorden af te reizen. De Italiaanse economie biedt niet veel kansen. Amri was misschien een crimineel in Tunesië, maar zijn vlucht kan ook een combinatie zijn geweest van een ontsnapping en een hoop op een beter leven.

Wat er tot de aanslag op19 december 2016 heeft voorgevallen is nog niet helemaal duidelijk, maar of Anis Amri die geharde IS terrorist was zoals hij door de media wordt afgeschilderd is de grote vraag. Twee dagen na de aanslag had een getuige verklaard dat Amri met een andere persoon gebedsruimten in Duisburg en Dortmund bezocht. Tevens verklaarde deze getuige dat Amri door een iemand, waarschijnlijk dezelfde persoon, in een personenauto naar Berlijn is gebracht. De getuige waarschuwde niet voor Amri, maar voor de persoon die Amri op sleeptouw nam. Wie die getuige was blijft onduidelijk, maar het is wel iemand die gebedsruimten bezocht waar ook Amri kwam. De persoon die Amri op sleeptouw neemt, wordt in de weken die volgen omschreven als V-Mann van het Landeskriminalamtes (LKA) in Nordrhein-Westfalen, de regionale politie in de Duitse deelstaat NRW. Een V-Mann is een informant van politie en inlichtingendiensten. Het blijft onduidelijk wat er bedoeld wordt met V-Mann van de LKA. Was de persoon in dienst van de politie of een inlichtingendienst of zelf een informant? Begin 2017 wordt daarnaast bij hoog en laag ontkent dat Amri zelf een informant was.

In mei 2017 wordt vervolgens duidelijk dat de politie weken voor de aanslag genoeg bewijs had om Amri aan te houden en veroordeeld te krijgen voor grootschalige drugshandel. In december 2016 vlak na de aanslag had de Duitse overheid gesteld dat Amri slechts een kruimeldief was die slechts in kleine hoeveelheden drugs handelde. Te weinig om hem vast te zetten. In mei 2017 werden echter twee agenten uit de regio Berlijn aangeklaagd voor het vervalsen van documenten. De agenten wilden daarmee bewijs verdoezelen dat Amri al een maand voor de aanslag aangehouden kon worden. Het bewijs zou wijzen op grootschalige drugshandel. Het bewijs is niet openbaar dus kan dat niet geverifieerd worden. In oktober dit jaar wordt vervolgens het nummer van de mysterieuze politie informant die Amri op sleeptouw zou hebben genomen bekend. Het zou gaan om VP-01. De media noemen VP-01 afwisselend informant, politie-informant, V-Mann, vertrouwensman, dubbel spion, agent die geïnfiltreerd was in kringen rond een islam prediker en politie-infiltrant.

De benaming infiltrant lijkt juist te zijn. Of het een infiltrant van alleen de politie was of dat de inlichtingendienst (Bundesamt für Verfassungsschutz) ook een rol speelde is niet duidelijk. Het lijkt er echter wel op dat VP-01 op de loonlijst van de Duitse overheid stond, in dienst te zijn van die overheid. Daarom kan de benaming infiltrant juist. De infiltrant, VP-01, wordt door mensen uit moslim kringen omschreven als erg radicaal en iemand die mensen probeerde aan te zetten tot geweld, lees aanslag. Verschillende advocaten van verdachten en veroordeelden bevestigen dit. Het betekent dat de infiltrant niet alleen op de loonlijst van de overheid stond, maar ook een provocateur was, iemand die aanzette tot geweld. Amri kan dus ook door de infiltrant van de Duitse overheid zijn aangezet tot geweld.

Goed even terug naar de Kerstmarkt aanslag in december 2016. Dit zou een laffe daad van IS zijn, een aanslag op een symbool van het ´Vrije Western´. Amri een geradicaliseerde vluchteling die op missie was om dood en verderf aan te richten in Berlijn. Eigenlijk meteen na de aanslag was er twijfel. Een getuige noemde de man die Amri vergezelde veel gevaarlijker dan Amri zelf. Die man zou VP-01 kunnen zijn gezien zijn provocerende houding. Het beeld dat in december 2016 werd geschetst van een Tunesische kruimeldief lijkt dan ook juist. De Berlijnse agenten die bewijsmateriaal vervalsten of verduisterden deden dat niet om van Amri een grote drugshandelaar te maken. Want waar was zijn Audi S8 dan en zijn vol automatische wapens? Of was Amri dan toch geen grote drugshandelaar, maar wat voor bewijs is dan vervalst? Het lijkt er eerder op dat VP-01 niet alleen handelde bij het provoceren van geweld, maar dat meerdere politieagenten of medewerkers van inlichtingendiensten daarbij betrokken waren. Zo ook de agenten uit Berlijn. Dit is niet ondenkbaar gezien ook allerlei andere schimmige gebeurtenissen uit het verleden zoals het NSU Complex en het NPD schandaal, waarbij informanten, infiltranten en de overheid een rol speelt bij geweld, mishandeling en moord.

Is Anis Amri dan nog steeds de dader? Dat is geen eenvoudige vraag meer. Het kan zijn dat hij de vrachtwagen heeft gereden en de Poolse chauffeur heeft doodgeschoten, maar bij zoveel provocatie, leugens en bedrog zijn zelfs die feiten niet meer zeker. Waar kwam zijn wapen bijvoorbeeld vandaan? Is dat door VP-01 aan hem verkocht of gegeven? En kon deze Tunesische kruimeldief zonder probleem de Scania truck in beweging krijgen? En waar werd Amri op gewezen in Berlijn toen hij door VP-01 naar de hoofdstad was gebracht? Was dat op de kerstmarkt? Het feit dat een jaar na dato er nog een grote mist hangt rond de aanslag op de Kerstmarkt in Berlijn roept vervolgens nog meer vragen op. Het parlementaire onderzoek naar de aanslag in Madrid maakte duidelijk dat de overheidsdiensten heel veel wisten, de gegevens van de toekomstige daders kenden, zelf de hand hadden in het leveren van de explosieven, wisten waar de explosieven in elkaar werden gezet dat de schuldvraag aan de overheid gesteld kan worden. Probleem blijft dat zonder openbaar onderzoek terrorisme met alle mystiek omgeven blijft. Vaak worden de daders gedood en vindt er geen rechtszaak plaats. Bij rechtszaken wordt meestal niet al het bewijs op tafel gelegd zodat de rol van de overheid buiten schot blijft. Er wordt gesproken over lone wolfs, terreur cellen, mee reizende terroristen, sleeper cells, aanslagen, moeilijke onderzoeken, belemmerende wetgeving, grenzen, maar eigenlijk worden fundamentele vragen niet gesteld.

Anis Amri is dood. Hij kan geen antwoord meer geven op welke vraag dan ook. Hij wordt afgeschilderd als een martelaar of als een kwade genius, maar is geen van beide. Het is niet eens noodzakelijk om hem af te schilderen als een speelbal in een complot van de Duitse overheid om een aanslag te plegen in de Duitse hoofdstad. Veel complotdenkers schieten door, terwijl zij vaak wel legitieme vragen stellen. Er is duidelijk iets aan de hand, maar de voorpagina zal de Berlijnse Kerstmarkt niet meer halen. Of de Duitse overheid meer schuld heeft dan Anis Amri is zonder openbaar onderzoek en het vrijgeven van alle documenten niet vast te stellen, feit is wel dat de Duitse overheid zeker mede schuldig is aan de aanslag, of zij daarbij bewust heeft gehandeld is nog een andere vraag die zeker moet worden gesteld.

enkele artikelen

V-Mann fuhr Amri mindestens einmal nach Berlin 14 januari 2017

Anschlag in Berlin Sollte Anis Amri als V-Mann angeworben werden? 15 januari 2017

Bericht der Behörden hat Lücken – Anis Amri: neue Fragen trotz Transparenz-Versprechen 21 januari 2017

Was the Berlin Christmas market attacker an undercover agent? 25 januari 2017

“An Attack is Expected”7 april 2017

War Amri ein geheimer Polizei-Informant? 19 mei 2017

V-Mann soll Gruppe um Amri zu Anschlägen aufgehetzt haben 19 oktober 2017

Anis Amri wurde möglicherweise von V-Mann angestachelt19 oktober 2017

Police informant encouraged Islamists to carry out attacks in Germany: report 20 oktober 2017