Bart van der Sloot

Nov 092017
 

Als de AIVD kritische wetenschappers in het gareel wil houden, laat ze dat dan professioneel doen.

Je merkt het in het dagelijkse leven direct wanneer iemand een echt gesprek met je wil en wanneer het contact vooral de bedoeling heeft je de les te lezen, te corrigeren of in de pas te laten lopen. Bij zo’n corrigerend gesprek worden bijvoorbeeld retorische vragen ingezet: dat zou jij toch ook niet willen, jij vindt toch ook dat je dit in de toekomst anders moet doen? Soms wordt ook een gezamenlijk belang gesuggereerd dat er in werkelijkheid niet is. Je baas die benadrukt dat het ‘in ons gezamenlijk belang is’ dat je je werkwijze aanpast. Dat klinkt heel vriendelijk, maar je begrijpt meteen dat het jouw en niet zijn probleem is.

Zo’n soort bevreemdend gesprek had ik onlangs met de Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD). Ik was op dinsdag in Nieuwsuur verschenen om te praten over de doorgifte van ov-reisgegevens door een bedrijf aan een overheidsdienst die frauderende studenten wilde opsporen, naar aanleiding van een bericht in de Volkskrant. Het gesprek meanderde wat en ik zei dat niet alleen deze overheidsdienst gegevens opvraagt van private organisaties, maar ook de inlichtingendienst, de politie en de belastingdienst. Op vrijdagmiddag kreeg ik vervolgens een telefoontje van de AIVD waarin werd gesteld dat ik een verkeerde indruk had gewekt over de werkwijze van de inlichtingendienst en dat het in ons gezamenlijk belang was om misverstanden de wereld uit te helpen. Ik voelde me enigszins geïntimideerd en heb iets geantwoord als dat er toch wel wat vraagtekens zijn te zetten bij de handelwijze van de AIVD en gezegd dat ik na mijn vakantie bereid was tot een gesprek. Het is natuurlijk niet onrechtmatig of onethisch om iemand op te bellen en uit te nodigen voor een gesprek, maar er bleef een ongemakkelijk gevoel hangen.

Het bellen naar wetenschappers is zo’n signaal: we weten wie je bent, we houden je in de gaten

Toen ik de zaak voorlegde aan collega’s bleken velen een soortgelijke ervaring te hebben. Ook zij werden, als ze zich in de media hadden uitgelaten over de AIVD, opgebeld voor ‘een goed gesprek’. Aangezien de macht en bevoegdheden van de AIVD ongekend zijn en er maar minimale rechterlijke en parlementaire controle is, lijken kritische vragen vanuit de journalistiek en de wetenschap een essentiële controle op de macht. De meeste collega’s hebben echter de herinnering dat de inlichtingendienst het gesprek voornamelijk benutte om te benadrukken dat zij geen goed beeld hebben van de praktijk van het inlichtingenwerk en dat eventuele kritische vragen op misverstanden berusten. De opstelling van de AIVD zou passen in zijn bredere werkwijze. Traditioneel hebben inlichtingendiensten, anders dan de politie, niet zozeer het doel om bewijs te verzamelen of criminelen op te pakken. Ze zijn voornamelijk gericht op het verstoren van netwerken en operaties. Agenten van inlichtingendiensten laten zich soms juist doelbewust zien, zodat de partijen weten dat ze gevolgd en in de gaten worden gehouden. Het bellen naar wetenschappers is ook zo’n signaal: we weten wie je bent, we houden je in de gaten.

Al tijden wordt er geklaagd over het beperkte budget van de AIVD en het feit dat er meer mankracht nodig is in de strijd tegen het internationale terrorisme. Daarop werd onlangs het budget van de AIVD nog verder verruimd. Dit budget is klaarblijkelijk ingezet voor het aanstellen van een persoon die nauwgezet alle media-uitingen over de AIVD napluist en deze beoordeelt op hun wenselijkheid. De AIVD geeft zo niet alleen aan terroristen het gevoel dat ze in de gaten worden gehouden, maar aan een veel bredere groep personen. Ook dit is een beproefde tactiek: als er maar het gevoel leeft onder de bevolking dat zij in de gaten worden gehouden, zullen zij zich bij voorbaat al beperkt voelen in hun handelen. Maar hoort het niet bij een professionele bedrijfsvoering dat ook de AIVD een communicatieafdeling heeft en aan image building en personal relations doet? Daar valt iets voor te zeggen, maar dan is er nog wel wat werk aan de winkel. Collega’s geven aan dat zij na het gesprek bepaald geen positiever beeld van de AIVD hebben gekregen en ook op mij liet het telefoontje vooral een vreemde indruk achter. Zo wees de dame van de communicatiedienst er mij op dat er een wet op de inlichtingendiensten bestaat. Het is alsof een arts die in de media vertelt dat sommige operaties niet volgens de richtlijnen verlopen, wordt opgebeld door de Inspectie voor de Gezondheidszorg met de vraag of hij zich er wel van bewust is dat er een wet op de gezondheidszorg bestaat. Natuurlijk weet een arts dat.

Als de inlichtingendienst al zo ver gaat om zijn bevoegdheden in te zetten om kritische wetenschappers in het gareel te houden en als hij er al voor kiest daar een deel van zijn budget aan te besteden, dan zou het fijn zijn als dit in elk geval op een inhoudelijke en professionele wijze geschiedt. Misschien zou het dan ook goed zijn als het nieuwe kabinet het budget van de AIVD nog iets verder verhoogt, zodat hij in de toekomst niet alleen terroristen goed in de gaten kan houden, maar ook verstrooide wetenschappers en andere staatsgevaarlijke individuen. Bart van der Sloot is onderzoeker aan de Universiteit Tilburg.

Door: Bart Van Der Sloot 29 augustus 2017 in de Volkskrant

Artikel is te vinden op de website van Bart van der Sloot